Bekendmaking uitspraak. Aanvang termijn. Einde termijn
Bekendmaking uitspraak. Aanvang termijn. Einde termijn
De bekendmaking van de uitspraak heeft op de voorgeschreven wijze plaatsgevonden, nu deze is verzonden naar het bij de rechtbank uit het dossier bekende kantooradres.Vaststaat dat het kantoor van de gemachtigde geen adreswijziging aan de rechtbank heeft gestuurd.
Aanvraag om bijstand ten onrechte buiten behandeling gesteld omdat bepalend is waar betrokkene feitelijk zijn woonplaats heeft.
Aanvraag om bijstand ten onrechte buiten behandeling gesteld omdat bepalend is waar betrokkene feitelijk zijn woonplaats heeft.
Het College was niet bevoegd de aanvraag om een bijstandsuitkering buiten behandeling te stellen onder toepassing van artikel 4:5, eerste lid van de Awb. Gelet op artikel 4:2, tweede lid, van de Awb, gaat het om gegevens die voor de beslissing op de aanvraag nodig zijn en waarover de aanvrager redelijkerwijs de beschikking kan krijgen. Het enkele feit dat bij de aanvraag het door betrokkene opgegeven woon-/verblijfadres niet overeenstemt met het adres waarop hij in de gemeentelijke basisadministratie (GBA) staat ingeschreven staat op zichzelf niet aan het recht op bijstand in de weg.
Appellante heeft voldaan aan de voorwaarde voor het recht op langdurigheidstoeslag nu zij binnen de referteperiode de teveel ontvangen bijstand als gevolg van schending van de inlichtingenverplichting heeft terugbetaald
Appellante heeft voldaan aan de voorwaarde voor het recht op langdurigheidstoeslag nu zij binnen de referteperiode de teveel ontvangen bijstand als gevolg van schending van de inlichtingenverplichting heeft terugbetaald
Appellante heeft in de referteperiode uitsluitend bijstand als inkomen ontvangen. Binnen deze periode heeft appellante als gevolg van schending van de op haar rustende inlichtingenverplichting gedurende ruim vijf maanden ten onrechte bijstand naar de norm voor gehuwden ontvangen. Eveneens binnen de referteperiode is dit gecorrigeerd, in die zin dat de bijstand is herzien en teruggevorderd en appellante het teruggevorderde bedrag heeft terugbetaald.
Tijdens het huisbezoek heeft appellant geen inzage verleend in laden van het dressoir waardoor hij niet heeft voldaan aan de op hem rustende medewerkingsverplichting met als gevolg dat zijn recht op bijstand niet is vast te stellen
Tijdens het huisbezoek heeft appellant geen inzage verleend in laden van het dressoir waardoor hij niet heeft voldaan aan de op hem rustende medewerkingsverplichting met als gevolg dat zijn recht op bijstand niet is vast te stellen
Appellant heeft de medewerkers van DWI toestemming gegeven voor het huisbezoek op 25 april 2009. Tijdens dat huisbezoek heeft hij geweigerd de medewerkers van DWI inzage te verlenen in drie laden van een dressoir in de woning. Het College heeft vervolgens de aanvraag om bijstand afgewezen op de grond dat appellant de op hem rustende medewerkingsverplichting heeft geschonden en dat als gevolg daarvan niet kan worden vastgesteld of hij recht heeft op bijstand.